Zorgbelang Zuid-Holland - Patiënten en consumenten platform

Waar sturen ze mijn kind naar toe?

Mevrouw S. is mentor en bewindvoerder voor haar dochter Marian. Zodoende heeft ze de bevoegdheid en plicht om voor haar dochter besluiten te nemen. Marian verblijft op dit moment in een behandelkliniek voor licht verstandelijk gehandicapten met gedragsproblemen. Haar moeder is heel gelukkig met deze situatie. Eindelijk gaat het de goede kant op. Marian kan zich aan de regels houden en krijgt langzaamaan meer vrijheid, wat haar weer vrolijk maakt. Nu komt er een gesprek over de toekomst. De instelling heeft gezegd dat de behandeling bijna klaar is. Moeder maakt zich ongerust waar ze haar kind nu naar toe willen sturen en of dat wel goed zal gaan. Daarbij heeft ze het gevoel dat ze geen invloed heeft op de gang van zaken  Zij vraagt een onafhankelijke cliëntondersteuner om haar te helpen bij dit gesprek.

In het gesprek krijgt mevrouw S. te horen dat Marian binnen de kliniek al heel snel wordt overgeplaatst naar een andere afdeling. Dit is een tussenstap in verband met haar verhuizing naar een vaste nieuwe woonplek. De overplaatsing is spannend voor Marian. Er zijn weer tijdelijke maatregelen ingesteld om haar vrijheid te beperken om haar zo te helpen om met de spanning om te gaan. Dit alles overvalt mevrouw S. wel erg. De cliëntondersteuner ziet dit en helpt haar. Zij vat alles wat gezegd wordt steeds kort voor haar samen en vraagt na: Begrijpt mevrouw S. alles wat gezegd is? Begrijpt zij wat het voor haar dochter betekent? Kan zij hiermee instemmen als haar mentor?

Het resultaat van dit overleg was, dat iedereen heel tevreden was na afloop. Het is voor iedereen veel duidelijker geworden wat de rol van mevrouw S. als mentor is. De kliniek zal niet alleen Marian, maar ook haar moeder in elke stap van het verhuisproces betrekken. Dat neemt veel onrust weg bij mevrouw S. Ze weet nu steeds precies wat er aan de hand is en heeft ervaren dat haar mening telt.

Afbeelding